Interview Farid Tabarki: “Optimism is a moral duty”

In de Griekse mythologie werd de mooie Cassandra, dochter van Priamus en Hecuba vervloekt. Ze kreeg de gave om de toekomst te voorspellen, maar niemand zou haar geloven. En zo kon ze de ondergang van Troje wel voorspellen, maar niet voorkomen. Gelukkig hebben de huidige ‘waarzeggers’ het gemakkelijker. Ze heten nu trendwatchers, of Zeitgeistonderzoeker zoals Farid Tabarki het noemt: “Ik kijk niet alleen naar trends; ik probeer ontwikkelingen ook te duiden. Wat betekenen ze voor onze samenleving en onze organisaties.” Daarmee kan Tabarki ook een klein beetje in de toekomst kijken, al heeft hij geen glazen bol en wierook in zijn vrijwel lege werkkamer. Ook is hij geen futuroloog, die kijken vaak verder in de toekomst. Nee, Tabarki heeft gewoon een Haagse moeder en Tunesische vader, draagt een flitsend pak en dito telefoon en reist de hele wereld over om trends te kunnen duiden. Wat valt hem op als hij naar de tandheelkunde kijkt? Welke ontwikkelingen kunnen we daar verwachten? Factaal vroeg het hem. 

Tekst: Anke Brouwer

Logo pdf  Download het interview

U heeft het in uw lezingen en interviews vaak over radicale decentralisatie: van centrale aansturing naar decentrale aansturing. Spelen die ontwikkelingen ook in de zorg?   
“Het grappige is dat je die ontwikkeling in allerlei verschillende sectoren ziet, met net een iets andere impact. In de tandheelkunde is bijvoorbeeld de 3D-printer in opkomst. Waar vroeger protheses, implantaten en dergelijke op centrale plekken werden gemaakt, kan dat nu dankzij de 3D-printers lokaal (decentraal) en bovendien gepersonifieerd. Die ontwikkeling zie je meer in de zorg; producten en behandelingen die aangepast kunnen worden aan de specifieke behoeftes van de patiënt. Het kan daardoor sneller, goedkoper en met minder materiaal en de kwaliteit van zorg gaat omhoog.”

Ook ACTA is momenteel bezig met het onderzoeken van 3D-printing, maar de sectie Orale Implantologie en Prothetiek van hoogleraar Daniel Wismeijer ontwikkelt momenteel ook een virtuele patiënt. Een tandarts moet straks aan de hand van die virtuele patiënt kunnen voorspellen wat voor effect een bepaalde behandeling bij de patiënt heeft. De tandarts kan bovendien de behandeling alvast ‘oefenen’ alvorens deze toe te passen op de echte patiënt. En de sectie Preventieve Tandheelkunde van hoogleraar Wim Crielaard bracht onlangs verschillende ecotypes in kaart waarmee ze in de toekomst mondziekten vroegtijdig hopen op te sporen of te voorkomen. 

Er vinden verschillende ontwikkelingen in de tandheelkunde plaats, van virtuele patiënten tot aan het opsporen van mondziektes aan de hand van ecotypes. Wat betekenen dergelijke ontwikkelingen voor de rol van de tandarts in de toekomst?
“De rol van de tandarts als probleemoplosser zal veel meer verschuiven naar die van preventiedeskundige. Dat betekent dat de tandarts mensen gaat ondersteunen met het begrijpen van de kennis die over het lichaam wordt vergaard en daar een interpretatie op loslaat. Daar speelt de computer een belangrijke rol in. Die gaat trends en patronen herkennen. Het vak wordt dus veel technischer, maar wel in samenspel met het menselijk lichaam.”

“Het blijft me verbazen dat mensen zo blijven vasthouden aan hun eigen vakgebied”


Nu wil de politiek de mondhygiënist, als preventiemedewerker, een grotere rol geven in de behandeling van patiënten. Een goede ontwikkeling?
“Ik vraag me zelfs af of die categorieën überhaupt blijven bestaan. Nu is dat onderscheid heel hard, maar in steeds meer vakgebieden is een dergelijk onderscheid niet meer evident. Er wordt steeds meer uitgewisseld en samengewerkt in teamverband. Ik stel me een tandartspraktijk voor waar verschillende zorgvraagstukken tegelijkertijd kunnen worden opgelost.”

Hoe ziet u dat voor zich? Een team binnen de tandheelkunde of veel breder?
“Ik denk beide. Allereerst kan de kennis binnen het eigen vakgebied al optimaler gedeeld worden. Het blijft me verbazen - en dat geldt niet alleen voor de tandheelkunde - dat mensen zo vast houden aan hun eigen vakgebied. Ontwikkelingen gaan snel en hard. Dat kun je niet in je eentje of alleen binnen je vakgebied overzien. Ik verwacht daarom dat we straks een netwerksamenleving krijgen. Bepaalde ziektes beperken zich nu eenmaal niet alleen tot de mond. Je moet in de breedte kunnen kijken. Dus dan kom je al gauw, als je tenminste de beste zorg wilt aanbieden, op interdisciplinaire teams die gezamenlijk naar een zorgvraagstuk kijken.”
 de medische faculteit. “We organiseerden een heleboel, vooral bijeenkomsten over onderwerpen die we niet terugzagen in het curriculum. Het leuke is dat veel van die onderwerpen uiteindelijk alsnog in het curriculum terecht zijn gekomen.”

Sinds een jaar of vijf kun je in Tilburg en Gent de HBO-studie lifestyle volgen. Toen Tabarki echter begon was ‘zeitgeistonderzoeken’ nog een onontgonnen vakgebied. Hij is dan ook het vak ‘ingerold’. Tijdens de studie politieke wetenschappen, kwam hij via een freelance baan terecht bij Stichting Nederland Kennisland: “De eerste internetbubbel van 8 maart 2000 moest nog worden doorgeprikt.” Als freelancer mocht Tabarki nadenken over wat technologie betekent voor de maatschappij en dat kwam al in de buurt van trends duiden. Toen Tabarki na een ontmoeting met de beroemde trendwatcher Carl Rohde, zag dat het een echt beroep was, startte hij kort daarna Studio Zeitgeist. In 2012 werd hij door zijn vakgenoten verkozen tot ‘Trendwatcher van het jaar’.

“Leiders moeten straks feminiene kwaliteiten hebben”


Het vak van de tandarts wordt steeds technischer zei u. Heeft dit ook invloed op wat voor mensen gaan kiezen voor het vak? Momenteel studeren er bijvoorbeeld meer vrouwen dan mannen tandheelkunde. 

“Mannen zijn vaak oververtegenwoordigd in technische beroepen, maar het is eigenlijk een cultureel of een opvoedkundig fenomeen. Jongens worden gewoon vaker de technische kant op gestimuleerd. Maken we technisch speelgoed ook voor meisjes interessant, dan gaan zij zich ook meer voor techniek interesseren. In Engeland staan bijvoorbeeld al 3D-printers op school en de meisjes vinden dat net zo interessant als de jongens. Als je er dus voor zorgt dat techniek op jonge leeftijd heel gewoon wordt, dan maakt het niet veel meer uit of je meisje of jongen bent.  Maar dan speelt er ook nog een ander punt mee. Al gaat straks techniek een grotere rol spelen, de technologie moet ook begrepen en uitgelegd worden, geanalyseerd en geduid. Dan kom je uit op de sociologie, een vakgebied waarin juist vrouwen traditioneel oververtegenwoordigd zijn. En ook leiders moeten straks - in de netwerksamenleving – meer feminiene kwaliteiten hebben. In meer hiërarchische modellen - zoals die vroeger en nu ook nog wel bestaan - waren juist masculiene kwaliteiten belangrijk. Dat betekent niet dat we alleen maar vrouwen aan de top nodig hebben. Zowel mannen als vrouwen kunnen feminiene kwaliteiten bezitten.”

Ziet u de toekomst wat dat betreft rooskleurig tegemoet?
“Filosoof Karl Popper zei ooit: ‘Optimism is a moral duty’.  Kijk vooral naar de mogelijkheden die nieuwe ontwikkelingen ons bieden. Dat ontslaat ons echter niet van de plicht om de negatieve kant van die ontwikkelingen te duiden. Datagegevens kunnen ervoor zorgen dat we gezonder blijven. Maar door gebruik te maken van die data raak je ook de privacy van mensen. En van wie is bepaalde data? Als mijn hartslag in het ziekenhuis wordt gemeten, dan is de monitor weliswaar van het ziekenhuis, maar is de data - mijn hartslag - ook van het ziekenhuis? Over het antwoord op dergelijke vragen wordt alle lang tijd gefilosofeerd en daardoor vertragen innovaties. We zitten wat dat betreft middenin in een transformatietijdperk. Dan gaan dingen tegen elkaar werken: traditioneel tegenover modernisme. Er ontstaan crises op verschillende niveaus.
Dat verklaart ook waarom veel mensen op partijen stemmen die niet naar de lange termijn kijken, maar meer behoudend zijn.  Hopelijk kunnen we zo snel mogelijk de problemen die gepaard gaan met nieuwe ontwikkelingen oplossen. Dan kunnen we pas echt snelle stappen zetten.”

Biografie


Farid Tabarki is oprichter van Studio Zeitgeist en doet sinds 2000 onderzoek naar de (Europese) tijdgeest. Tabarki heeft een wekelijkse column in Het Financieel Dagblad, schreef het boek Het Einde van het Midden en werd in 2012 uitgeroepen tot Trendwatcher of the Year 2012–2013. Hij presenteerde de tv-programma’s MTV Coolpolitics en Durf te denken: Van Socrates tot Sartre, is onder andere voorzitter van de Raad van Toezicht van Het Nieuwe Instituut en lid van het curatorium van De Baak. Ook was hij lid van Platform Onderwijs2032.